Scheepvaart

Zeescheepvaart op de Noordzee is van vitaal belang voor ons land. Nederlandse zeehavens zijn knooppunten in internationale transportketens. De scheepvaart- en havengebonden industrie en dienstverlening vormen een van de belangrijkste pijlers onder onze economie. Het drukke scheepvaartverkeer op de Noordzee verloopt – met een minimum aan incidenten – vlot en veilig, dankzij een ingenieus en internationaal goedgekeurd stelsel van scheepvaartroutes en verkeersscheidingsstelsels.

Scheepvaart op de Noordzee

Ruimtelijke inpassing

De in totaal 3.600 km2 aan scheepvaartroutes, aanloopgebieden en clearways mogen niet in conflict komen met andere gebruiksfuncties. De kans daarop is het grootst in gebieden die ook geschikt zijn voor olie- en gaswinning en voor het vestigen van windparken. Nederland moet verplaatsing van een scheepvaartroute grondig voorbereid in procedure brengen bij de Internationale Maritieme Organisatie (IMO).

Nieuwe scheepvaartroutes Noordzee

De Noordzee is een van de drukst bevaren én meest benutte zeeën ter wereld. Voor bepaalde vaargebieden langs het Belgische en het Nederlandse (zuidelijke) deel van de Noordzee waren nog geen vaste routes. Om de doorstroom van scheepvaart in deze gebieden te verbeteren, passen Nederland en België met ingang van 1 juni 2017 om 00.00 UTC (02.00 lokale tijd) de scheepvaartroutes samen aan. De nieuwe routes vullen gebieden zonder routering op, waardoor een onafgebroken routeringsstelsel van Frankrijk tot aan Duitsland ontstaat. Deze nieuwe routes optimaliseren de veiligheid van het scheepvaartverkeer en beperken het risico op milieuverontreiniging. Ook zijn de havens hiermee veiliger en vlotter te bereiken en wordt de ruimte op de Noordzee zo efficiënt mogelijk gebruikt.

De nieuwe routes zorgen ervoor dat de schepen een optimale, veilige afstand kunnen bewaren tot de (nog aan te leggen) windmolenparken bij Borssele. In het Nederlandse windenergiegebied Borssele is een scheepvaartcorridor opgenomen waarin schepen kleiner dan 45 meter mogen varen. Nieuwe (gedrukte) zeekaarten en ENC’s worden vanaf medio april 2017 gepubliceerd en zijn via de gebruikelijke kanalen te koop. De Berichten aan Zeevarenden (BaZ) en verkoopadressen van zeekaarten kunt u vinden op de website van de Dienst der Hydrografie en op de site van United Kingdom Hydrographic Office (UKHO). Het is de verantwoordelijkheid van iedere gezagvoerder om de meest recente zeekaart aan boord paraat te hebben.

Zorg voor vaarwegen

De vaarwegen moeten aan alle eisen blijven voldoen om een vlotte en veilige vaart te garanderen. Er zijn twee gebaggerde toegangsgeulen: de Euro-Maasgeul naar Rotterdam/Europoort en de IJgeul naar IJmuiden. Dat betekent: zorg voor het juiste profiel en voor de bodem van vaargeulen. In de regel komt dat neer op het controleren van de bodemligging door middel van survey's en op die plaatsen waar verondieping heeft plaatsgevonden het uitvoeren van onderhoudsbaggerwerk. Het betekent ook de zorg voor een betrouwbare vaarwegmarkering.
Het operationeel nautisch beheer buiten de havenaanloopgebieden wordt uitgevoerd door de Kustwacht.

Interactie met ander gebruik

In principe zijn visserij, oppervlaktedelfstofwinning en recreatievaart ook binnen scheepvaartroutes toegestaan, hoewel vissers en recreanten de scheepvaartroutes liever mijden. Omdat deze functies op vrijwel de gehele Noordzee mogelijk zijn, zijn ze voor de scheepvaart op dit moment niet beperkend.
De interactie tussen scheepvaart en kabels en leidingen speelt alleen ten aanzien van het ankeren door de scheepvaart. Hoewel kabels en leidingen in principe zo worden aangebracht dat zij geen obstakel vormen voor ander gebruik, moet het ankeren op kabels en leidingen zoveel mogelijk worden voorkomen. Nieuwe kabels worden dan ook zo snel mogelijk opgenomen in scheepvaartkaarten.

Intensieve afstemming scheepvaartsector

Bij de planvorming voor scheepvaartroutes en ankergebieden wordt behalve met de scheepvaartveiligheid ook rekening gehouden met de natuur(gebieden) en de andere gebruiksfuncties, zoals visserij, olie- en gaswinning, recreatievaart en oppervlaktedelfstofwinning.
Bij de planvorming en de aanwijzing van windenergiegebieden vindt altijd intensieve afstemming plaats met de scheepvaartsector. Windturbineparken nemen vaak veel ruimte in beslag en staan voor tientallen jaren op zee. Hetzelfde geldt voor olie- en gasplatforms die boven het wateroppervlak staan en jaren in gebruik zullen zijn. Bij de planvorming en de vergunningverlening voor windenergie en de olie- en gasactiviteiten wordt zo veel mogelijk rekening gehouden met de verwachte ontwikkelingen in de scheepvaartsector.

Hydro Meteo Centrum Noordzee

Nautische informatievoorziening aan de scheepvaart is van vitaal belang voor de veiligheid en de vlotte vaart. Dit is deels statische informatie, zoals kaartmateriaal over het vaarwater en de vaarwegen. Daarnaast ook dynamische informatie over alles wat voortdurend verandert, zoals de verkeerssituatie in aanloopgebieden, maar ook het weer, de waterhoogte en de zeegang. Zo berekent het Hydro-Meteo Centrum van Rijkswaterstaat dagelijks de periode rond hoogwater waarbinnen de diepst liggende schepen veilig de Euro-Maasgeul kunnen bevaren.

Informatie voor de beheerder

De informatievoorziening van de scheepvaart aan de nautische beheerder is eveneens van belang. Dan gaat het om scheepsnaam en scheepsafmetingen, positie, snelheid, doel, vermoedelijk tijdstip van aankomst en lading. Dat laatste is vooral belangrijk als een schip risicovolle en gevaarlijke stoffen vervoert.
Het systeem van meldingen is de afgelopen jaren sterk verbeterd door het verplicht gebruik van nieuwe technieken, zoals het Automatic Identification System (AIS) en de invoering van het Europees meld- en volgsysteem SafeSeaNet.

Mondiale regelgeving

De regelgeving om het zeemilieu te beschermen doorloopt al decennialang een geleidelijk proces van aanscherping. Dat verdragen, wetten en voorschriften op dit gebied veel tijd vragen, komt door het mondiale karakter van de zeescheepvaart. Wat in IMO-verband of Europees wordt afgesproken, heeft alleen effect wanneer alle zeevarende naties dit in eigen wet- en regelgeving opnemen en deze regels vervolgens ook handhaven.

Het IMO-verdrag ter voorkoming van verontreiniging van de zee door olie (MARPOL) is de internationale koepel voor vrijwel alle maritieme milieuzorg. In de loop der jaren zijn aan dit verdrag meerdere bijlagen gehecht die de werking uitbreiden naar ook andere vormen van verontreiniging dan olie. Zo is onder Bijlage V een totaalverbod op het lozen van afvalstoffen afgesproken en stelt Bijlage VI normen voor emissies via verbrandingsgassen van stikstof, zwavel en stoffen die de ozonlaag afbreken. MARPOL-voorschriften zijn in Nederlandse wetgeving uitgewerkt in de Wet voorkoming verontreiniging door schepen (pdf, 163 kB). Deze wet regelt ook het gebruik van havenontvangstinstallaties voor scheepsafval en olie.

Kamerbrieven

Kamerbrief: Ondertekening Green Deal Scheepsafvalketen

Bijlage Kamerbrief: Overeenkomst Green Deal Scheepsafvalketen

Kamerbrief: Stikstofuitstoot Scheepvaart Noordzee

Documenten en publicaties

De Nederlandse Maritieme Strategie 2015 - 2025

Beleidsnota Noordzee 2016-2021 - inclusief de Nederlandse maritieme ruimtelijke planning (schermversie)

Beleidsbrief zeevaart 2008 verantwoord varen en een vitale vloot

Afwegingskader voor veilige afstanden tusen scheepvaartroutes en windparken op zee

Bijlage 1 - Verantwoording bij het opstellen van het afwegingskader

Bijlage 2 - Rapporten en studies nautische visie op veilige afstanden

Bijlage 3 - Vereisten aan deugdelijk onderzoek

Bijlage 4 - Reglementen voorschriften en regels voor scheepvaart

Bijlage 5 - Vragen en antwoorden ter toelichting van BVA

Bijlage 6 - Verslag van paneldiscussie 7 januari 2013

Bijlage 7 - Toets op bijlage 4 door expertpanel

Monitoring Nautische Veiligheid 2013 Noordzee Deel 1: beleidsrelevante rapportage - definitief

Monitoring Nautische Veiligheid 2013 Noordzee Deel 2: ondersteunend cijfermateriaal

Veiligheid recreatievaart Noordzee - Evolutie veiligheid recreatievaart