Zand- en schelpwinning

Legenda

Van oudsher graven mensen in de bodem naar stoffen om mee te bouwen. In Nederland delven we op de zeebodem vooral grind, zand, klei en schelpen. Die laatste maar in geringe mate; zand wordt wel intensief gewonnen. 
Op het Nederlandse deel van de Noordzee wordt jaarlijks circa 35 miljoen m3 zand gewonnen. Een deel komt uit de vaargeulen naar Rotterdam en IJmuiden. Zeezand wordt vooral gebruikt als ophoogzand op land (ongeveer 20 miljoen m3/jaar), terwijl kustsuppletie jaarlijks ruim 14 miljoen m3 zand vergt.

Grondstoffenwinning is alleen toegestaan voorbij de doorgaande dieptelijn van NAP -20 meter, behalve als het gaat om zandwinning om vaargeulen op diepte houden. Schelpen mogen worden gewonnen in gebieden dieper dan NAP -5 meter. In de hiervoor aangewezen gebieden gelden jaarlijkse maxima. 
Ondiepe zandwinning is winning tot een diepte van twee meter de zeebodem in. Is deze diepte bereikt in een vergund gebied of is in het gebied vijf jaar lang niet gewonnen dan wordt het vergunde gebied een verlaten zandwingebied. Voor een winning dieper dan twee meter is een aparte milieueffectrapportage vereist. Omdat men de vaarafstand tot de aanlandingsplaats uiteraard zo beperkt mogelijk wil houden, bevinden de meeste zandwingebieden zich net buiten de NAP -20 meter dieptelijn.