Minerale oliën

Legenda

Als bij calamiteiten op de Noordzee olie vrijkomt, vermengt die zich slecht met het water. Een klein deel lost op, de rest zinkt naar de bodem, verdampt of blijft drijven. Drijvende olie tast de waterafstotende laag op de veren van vogels aan, waardoor deze onderkoeld raken en sterven.

Olie is er in alle soorten en maten. De ruwe olie in grote tankers en uit de Noordzeebodem kan per locatie al sterk verschillen. Daar worden dan nog eens duizenden verschillende producten uit gewonnen: allemaal anders, maar allemaal ‘olie’.

In 1991 werd de Noordzee naar schatting met in totaal 80.000 ton olie belast. Grootste bronnen waren de scheepvaart en offshore-activiteiten. Een jaar later is het oliegehalte in het oppervlaktesediment van de kustzone gemeten. Daaruit bleek dat op een aantal plaatsen de concentratie boven het maximaal toelaatbaar risico (MTR) van 1000 µg.kg-1 lag. Vooral ter hoogte van de uitlaat van de Oude Rijn. De verwaarloosbare risicoconcentratie (VR: 10 µg.kg-1) wordt maar op een aantal locaties in het binnenstromende Atlantische water gehaald.

Het MTR en VR zijn op het gebied van olie voorlopige waarden. Er wordt nog onderzoek gedaan om de verbindingen uit olie te identificeren die daadwerkelijk schadelijk zijn. Aan de hand daarvan zullen nieuwe normen worden bepaald.