Koperconcentratie

Legenda

De natuurlijke hoeveelheid koper in de Noordzee wordt via de rivieren en de baggerspecie verhoogd met de resten van menselijk kopergebruik. Vooral voor weekdieren zijn hoge concentraties schadelijk. De koperconcentraties in de Noordzee vertonen al jaren een dalende trend.

Koper wordt onder meer gebruikt in elektriciteitsleidingen, messing en in de galvanische industrie. Kopersulfaat wordt daarnaast gebruikt als groeibevorderend middel voor mestvarkens en scheepsverven die aangroei van organismen weren.

In 1999 kwam naar schatting 560 ton koper in de Noordzee terecht, vrijwel geheel via de rivieren (373 ton) en baggerspecie (157 ton). Datzelfde jaar kwam via verschillende gebruikers 221 ton in het Nederlandse oppervlaktewater terecht. Consumenten waren verantwoordelijk voor meer dan de helft daarvan.

Sinds de jaren tachtig vertonen koperconcentraties in het oppervlaktesediment van de Nederlandse kustzone een dalende trend. Van nature bevat slib tussen de 15 en 40 mg/kg. Het maximaal toelaatbare risico, het niveau waarop maatregelen moeten worden genomen, ligt op 73 mg/kg. Op een paar locaties vlak onder de kust na wordt dit niveau nergens overschreden.

Het verwaarloosbare risico (VR: 36 mg/kg) wordt op open zee vrijwel niet overschreden, en in de kustzone steeds minder. In 1981 voldeden de concentraties op 30% van de meetlocaties aan het VR, in 1996 was dat al 75%.