Alken en Zeekoeten

Legenda

Alken en zeekoeten zijn zeevogels die in het broedseizoen in grote aantallen op de Britse rotskusten broeden. Na ongeveer drie weken trekken ze met hun jongen de open Noordzee op, waar de jongen verder worden opgevoed. Vanaf augustus komen zeekoeten tevoorschijn op het Nederlandse deel van de Noordzee.
Alken en zeekoeten zijn sterk verwante soorten en lijken zó op elkaar dat vogeltellers ze vanuit een vliegtuig niet kunnen onderscheiden. Daarom worden ze op deze kaarten gezamenlijk gepresenteerd. Dit beeld zegt het meest over de zeekoet, die op de Noordzee veel talrijker is dan de alk. De Noordzee telt naar schatting zo’n 1,7 miljoen zeekoeten tegenover 183.000 alken.

Beide soorten voeden zich vrijwel uitsluitend met kleine visjes. Zeekoeten kunnen meer dan 100 meter diep duiken en jagen op zandspiering, sprot, wijting en jonge kabeljauw. Ze kunnen overal op het Nederlands Continentaal Plat (NCP) foerageren en zijn in augustus/september vooral in het noordelijk deel van het NCP te vinden. Direct na het broedseizoen zitten er vrijwel jaarlijks zeekoeten op de Oestergronden en bij het Friese Front.

In de wintermaanden komen alken en zeekoeten veel minder in grote aantallen voor en worden ze in vrijwel alle gebieden gesignaleerd, met uitzondering van de kustzone.

http://nl.wikipedia.org/wiki/Zeekoet
http://nl.wikipedia.org/wiki/Alken_(vogels)