De Europese Kaderrichtlijn Mariene Strategie verplicht landen om maatregelen te nemen die een achteruitgang van het mariene milieu tegengaan. Dit gebeurt bijvoorbeeld door voorwaarden te stellen aan activiteiten op de Noordzee. Met de Kaderrichtlijn willen de Europese lidstaten de oceanen en zeeën voor huidige en toekomstige generaties veilig, schoon en productief houden. Uiterlijk in 2010 moet de richtlijn in nationale wet- en regelgeving worden overgenomen. Lidstaten hebben tot 2015 de tijd om samen met buurlanden én gebruikers (visserij, scheepvaart, zandwinning, windturbineparken, olie- en gasindustrie en recreatie) een strategie op te stellen en maatregelen te ontwikkelen om het mariene milieu op peil te houden of te verbeteren. De maatregelen treden vervolgens in 2016 in werking. In 2021 moeten de Europese zeeën hersteld zijn en zich in een gezonde milieutoestand bevinden.
Actueel
Commissiebesluit goede milieutoestand (GMT)
Op 12 mei 2010 heeft het regelgevend comité (artikel 25 KRM), waarin alle lidstaten vertegenwoordigd zijn, een voorstel voor een besluit van de Europese Commissie goedgekeurd. Dit “Besluit van de Commissie tot vaststelling van criteria en methodologische normen inzake de goede milieutoestand van mariene wateren” biedt het kader waarbinnen de lidstaten de KRM zullen implementeren.
Op 15 juli 2008 is de Europese Kaderrichtlijn Mariene Strategie in werking getreden
In alle aan Europa grenzende zeeën zullen de lidstaten mariene strategiën maken van waaruit maatregelen genomen zullen worden om in 2020 een goede milieu toestand te bereiken. Zo moet de richtlijn zorgen voor een balans tussen een gezond marien milieu en een duurzaam economisch gebruik van de zee.

