Overleg fora
Het gaat bij internationaal overleg ook om afspraken over de beheerderstaken, zoals monitoring en databeheer, incidenten-/rampenbestrijding, vaarwegmarkering en regulering van gebruiksfuncties. Zonder internationale afspraken over de gebruiksfuncties en invloeden op de Noordzeegebieden is een goed beheer ondenkbaar. Enkelzijdig genomen maatregelen zijn praktisch niet effectief door de grensoverschrijdende effecten van de problemen. Bovendien heeft een eenzijdig ander beleid van Nederland invloed op het economisch level playing field in de regio.
De Noordzeeministersconferenties hebben politiek richting gegeven aan het internationale Noordzeebeleid. De gemaakte afspraken worden met name door OSPAR en IMO geconcretiseerd. Ook in Europees verband krijgt de Noordzee volop de aandacht. Na de Kaderrichtlijn Water is het nu de beurt aan de Kaderrichtlijn Mariene milieu die is opgesteld door de Europese Commissie. Daarnaast is de Commissie bezig met het opstellen van een Groenboek voor het maritieme beleid.
Nederland is verder actief in de onderstaande internationale fora:
Noordzee ministersconferenties
De Noordzee ministersconferenties, met deelname van België, Frankrijk, Engeland, Nederland, Duitsland, Denemarken, Zweden en Noorwegen en een groot aantal NGO’s, hebben geleid tot afspraken voor de verbetering van het milieu in de Noordzee. De gemaakte afspraken zijn politiek van aard. Toegevoegde waarde is dat alle onderwerpen kunnen worden besproken (er ligt geen verdrag aan ten grondslag). Afspraken worden vastgelegd in een verklaring die door de ministers wordt ondertekend.
De voorbereidingen vinden plaats binnen een Committee of North Sea Senior Officials (CONSSO) en zogenaamde Issue Groups (werkgroepen) die binnen Nederland nationaal worden voorbereid (ministeries van IenM, EL&I, BuZa, Justitie, Defensie en NGO’s) onder leiding van het ministerie van IenM/DGW.
In totaal zijn er zes conferenties gehouden. De laatste NZMC – over de milieueffecten van visserij en van scheepvaart – is gehouden op 4-5 mei 2006 in Göteborg, Zweden.
OSPAR
Het OSPAR-verdrag ter bescherming het mariene milieu van de Noordoost-Atlantische Oceaan (OSPAR, 1992) is in 1998 in werking getreden en was een samengaan van de het Verdrag van Oslo (1992) tegen verontreiniging op zee vanaf vaartuigen (lozing, dumping) en het Verdrag van Parijs (1994) tegen verontreiniging van de zee vanuit bronnen op het land.
Het zeer actieve OSPAR secretariaat is gevestigd in Londen.
Betrokkenheid: ministerie Infrastructuur en Milieu
Regelmatig zijn er Ministerial Meetings (MMC) waarbij politieke afspraken gemaakt worden. De laatste MMC was in Bremen (juni 2003). Dit betrof een gezamenlijke bijeenkomst met de HELCOM-commissie (Oostzeelanden).
IMO
De International Maritime Organization is de gespecialiseerde VN-organisatie voor Scheepvaart.
Hier worden relevante internationale verdragen voor de sector opgesteld. Het Marine Environment Protection Committee (MEPC) houdt zich bezig met de relatie tussen scheepvaart en milieu (vaststellen van verdragen als MARPOL, AFS en Ballast water.
Het ministerie van Infrastructuur en Milieu / DGB staat voor IMO aan de lat.
Het ministerie levert ook de delegatieleider voor MEPC en coördineert de Nederlandse inbreng in de diverse commissies en subcommissies.
London Verdrag
London Conventie (1972; Convention on the Prevention by Dumping of Wastes and Other Matter): het reguleren van het dumpen van afval in zee met als doel het voorkomen van verontreiniging van het mariene milieu. Het Aanvullend Protocol uit 1996 is sinds 24 maart 2006 van kracht.
Betrokkenheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / RWS Noordzee.
Overeenkomst van Bonn
Internationale overeenkomst tussen de Noordzeekuststaten en de EU met als doel:
a) het verlenen van wederzijdse.assistentie en samenwerking om verontreiniging aan te pakken en
b) het uitvoeren van surveillances als middel om verontreiniging te ontdekken en te bestrijden en om overtredingen te voorkomen (preventie).
Betrokkenheid: ministerie Infrastructuur en Milieu / RWS Noordzee bij zowel de bijeenkomst van de contractpartijen als OTSOPA (Working Group on Operational and Scientific Questions concerning Counter Pollution Activities).
ICES
International Council for the Exploration of the Sea: marien samenwerkingsverband van negentien landen rond de Noord-Atlantische Oceaan en de daaraan liggende zeeën. Doel: uitwisseling van wetenschappelijke informatie en advisering aan regeringen en aan commissies van de EU, HELCOM en OSPAR.
Betrokkenheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / Waterdienst
SEANET/NOOS
Een deels door de EU gesubsidieerd netwerk waarbinnen uitwisseling plaatsvindt van hydrografische informatie op Noordwesteuropees niveau. Doel: afstemming van meetsystemen, modellen en strategieën (boeien/satellieten).
Betrokkenheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / RWS Noordzee.
CEDA
Europese (netwerk)bijeenkomsten over bagger- en onderhoudswerken. Bij deze bijeenkomsten voor haven- en vaargeulbeheerders worden diverse thema’s besproken (aanbestedingen, onderhoudswerken, baggerstrategieën).
Betrokkenheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / RWS Noordzee / RWS Bouwdienst.
IALA
International Association of Marine Aids to Navigation and Lighthouse Authorities, gesitueerd in Parijs. Hier worden afspraken gemaakt voor de normering rondom vaarwegmarkering. Betrokkenheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / DGB / RWS Noordzee.
PIANC
International Navigation Association. Netwerkorganisatie. Onderwerpen: kennisuitwisseling vaarwegonderhoud en baggeren.
Betrokkenheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / RWS-Noordzee / RWS-Dienst Infrastructuur.
MCMP
(EU) Management Committee for Marine Pollution.
Betrokkenheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / RWS-Noordzee.
EMSA
European Maritime Safety Administration. Doel: het bevorderen van de veiligheid door afstemming en het maken van afspraken over het vergroten van de oliebestrijdingscapaciteit in Europa.
Betrokkerheid: ministerie van Infrastructuur en Milieu / RWS Noordzee.